Het typische Haïtiaanse antwoord als je iemand vraagt hoe het gaat, toont de houding van de kinderen en de werknemers in Kay St. Helene (het WereldOuders’familiehuis in Haïti) : “Nou la – We zijn er nog!”
Gelukkig werd dit huis en de mensen die erin wonen niet rechtstreeks geraakt door de aardbeving : niemand stierf en het stortte niet in. Wel zijn er grote barsten in sommige woonhuizen, in de muren rond het domein en in het ziekenhuis. Daarbij heeft de ramp het dagelijkse leven van de kinderen sterk beïnvloed. De eerste weken werd voedsel gerantsoeneerd en alle kinderen, behalve de zwaar gehandicapte kinderen, sliepen buiten, ondanks de koude en de vochtige lucht van de Haïtiaanse bergen die bijna 2000 meter boven de hoofdstad Port-au-Prince liggen. Bijna alle kinderen en medewerkers hebben een trauma opgelopen dat tot uiting komt in paniek en wanhoop zodra één van de voortdurende naschokken de huizen ‘s nachts door elkaar schudt en iedereen het huis doet uitvluchten. Nu zijn alle kinderen terug naar binnen verhuisd en drie weken geleden begon de school weer. De kinderen hebben bijna een normaal leven (tenminste wat je hier in Haïti een normaal leven kunt noemen).
Nu gaan de lessen alleen ‘s ochtends door, terwijl de middagen besteed worden aan spelletjes en voetbal, of aan de populaire filmvertoning in het openluchttheater. De kinderen genieten van hun vrijheid en door sport en spel herstellen ze langzaamaan van de schok. Dit herstel duurt veel langer voor de medewerkers. Vele van hen luisteren in hun vrije tijd naar één van de preken van de verschillende christelijke radiozenders om zo proberen te begrijpen wat er met hen is gebeurd en om deze verschrikkelijke gebeurtenis een plaats te geven in hun dagelijkse leven.
Zeker als je luistert naar de discussies van sommige niet-geschoolde medewerkers, word je geraakt door hun moeite om te leven met de ergst mogelijke gebeurtenis en hun strijd met de vraag of ze gestraft werden voor hun falen in het verleden – ook al begrijpen ze niet waarom hun al zo getroffen land en volk nog meer zouden moeten verduren.
Met de mogelijkheid dat een nieuwe aardschok een paniekaanval zou veroorzaken, nam de directrice van het familiehuis – Zuster Altagrace – een wijze beslissing en liet alle lessen buiten doorgaan. “Ikben bang dat kinderen in het geval van een naschok zichzelf zullen verwonden wanneer ze proberen om de vier verdiepingen van het gebouw naar beneden te stormen,” zei ze. In het begin werden de lessen in open lucht gegeven tot de huisdirecteur aan het onderhoudspersoneel vroeg om klaslokalen te bouwen van doeken en houten palen. Dit gebeurde als voorbereiding op het regenseizoen dat al van start ging. Die geïmproviseerde klaslokalen zullen de kinderen ook deels beschermen in het geval van meer naschokken.
Bovenstaande tekst komt uit een verslag van Jan Weber die medisch coördinator is in Haïti en de Dominicaanse Republiek.







